verslag van Geert S.


Dit jaar brachten we twee weken door in de pyreneeën,
departement Ariège. Het zomerverlof is gebruikelijk
een mengeling van speleo activiteiten en het bezoeken
van toeristische bezienswaardigheden. Dit jaar lag de
nadruk meer op het speleo gebeuren.

De eerste week verbleven we te Lacourt nabij St. Giron,
en de eerste dag besteden we aan het zoeken van een
aantal grotingangen. We gebruiken het boek Spéléoguide
Ariège Pyrénées. Het gebied is makkelijk toegankelijk
via berijdbare boswegen, zodat de meeste grotten op
korte wandelafstand van de autoparkings liggen. De
eerste week beperken we ons tot zone 5 uit het genoemde
boek. We ontmoeten een dorpsbewoner die ons een hele
serie grotingangen kan tonen, zodat de klus nog makke-
lijker wordt en bovendien blijken de GPS coördinaten
uit het boek zeer accuraat te zijn. Deze 'local' leert
ons ook een lokale delicatesse kennen, een lekkere paddestoel.


De dag erop splitsen we ons op in twee groepen en bezoeken
we de Gouffre Bysnès en de Gouffre du Barotti. De Barotti
begint met een mooie put van 80 meter en even dieper komen
we in een grote en fossiele galerij. In deze galerij ontmoeten
we ook de ploeg uit de Bysnès, want een doorsteek tussen de
twee grotten is mogelijk. Al met al toch een 8 tal uur gegrot.


Het idee om ook enkele canyons af te dalen wordt ingezet met
de Aubert. Deze canyon is in de zomerperiode eigenlijk alleen
interessant na een regenbui, en aangezien we veel nat hebben
gezien blijkt dit dus een goede initiatie canyon. De terminale
waterval van 35m is zeer fotogeniek.




Terwijl een groep toerist in St. Lizier gaat een groep grotten in
de Gouffre du Sauvajou. De grot ligt op enkele 10-tallen meter van
de weg en is dus makkelijk toegankelijk. Het is een grot die crue-
gevoelig is, en vanaf -100m ook bij droog weer waterrijk. Bij crue
zijn vele putten niet meer te passeren. De dag erop gaat een nieuwe
groep de grot desequiperen, echter het is nu regenweer en dus wordt
het spannend. Dit blijkt uiteindelijk mee te vallen zodat we zonder
kleerscheuren de touwen kunnen recupereren.


De marktplaats van St. Lizier


We gaan ook een dag wandelen op de Cap de la Pene en zoeken ook nog
de ingang van een grot even verderop. Deze zal echter voor een andere
keer zijn.


De tweede week verleggen we onze activiteiten naar de omgeving van
Aulus-Les-Bains. Een wandeling naar de Cascade d' Arc is een must,
en we kunnen deze nog juist zien als de mist even optrekt. We zitten
nu in zone 4 van het voornoemd boek.


Camping te Aulus met privé kiosk.


Na een slalomtocht tussen de loslopende koetjes vinden we de
Gouffre des Crapauds. Hij is 121m diep en heeft een grote zaal,
waar je soms dikke padden kan zien (niet gezien). De afdaling van
de P15, na de grote zaal, is niet voor herhaling vatbaar...


Na een dagje wandelen nabij Guzet-Neige, een ski station, dalen we
de Canyon Cagateille af. Volgens een lokale gids is dit de meest
interessante canyon van de omgeving, en is het equipement prima in
orde. Na enkele dagen regen is het debiet ook prima in orde, zeker
als je weet dat het stromingsbekken 17km² groot is. Er is veel volk
op de parking, want iedereen gaat er naar de cirque du Cagateille
kijken. Een prachtig zicht met een hele serie watervallen die er in
het halfrond, in de verte, naar beneden vallen. Het is wel even slikken,
want al dat water gaat door de canyon. Dus het debiet was aan de hoge
kant, en was het onmogelijk om in de watervallen af te dalen. Gelukkig
zijn er overal looplijnen voorzien en een hors crue aan de grootste
waterval. Ik zou er niet graag onder hangen als je ziet welk debiet er
naar beneden komt. Sommigen van ons schatten het wel op 2m³/s, maar
zelfs al was het wat minder, het blijft indrukwekkend.

Het vast equipement was minder goed, op verschillende plaatsen waren
touwen beschadigd of gewoon doormidden. De verankeringen waren echter
wel in orde.

De lokale gids wist ons ook nog te zeggen dat de streek van Auzat/Vicdessos
interessanter is om aan canyoning te doen.
Van vele canyons was de staat niet gekend omdat er in het voorjaar enorm
veel bomen gesneuveld zijn door de sneeuwval.


Als laatste grot bezochten we ook nog de Gouffre P28. Ik heb nog nooit
zo lang gezocht naar een grot, en het uiteindelijk opgegeven. Echter de
volhouder wint en uiteindelijk werd de grot dan toch gevonden, en toch
waren de GPS coördinaten correct. De dikke padden die we in de Crapauds
niet te zien kregen, waren hier wel aanwezig, doch ik ben de enige die
ze gezien heeft (en ervan geschrokken is).


Al met al een mooie grotstreek, zeker voor herhaling vatbaar. Vele grotten
zijn makkelijk toegankelijk, de gouffres zijn er 100 tot 400m diep.


Het weer was vooral de tweede week een spelbreker. Het is de derde keer dat
we in de Franse pyreneeën een verlof doorbrengen en we hebben 3x slecht weer
gehad. (Eén keer waren we in de Spaanse pyreneeën en het was goed weer).

G.